Hoe maak je van goede voornemens een gewoonte?

Goede voornemens eindigen vaak op zolder

Goede voornemens eindigen vaak op zolder: doehetzelf- en zelfhulpboeken, schilder‑, brei- en tekenbenodigdheden en allerlei sportspullen. Want je koopt graag iets nieuws om je goede voornemen kracht bij te zetten.

Maar je hebt geen attributen nodig om je gedrag te veranderen. Je moet het gewoon dóen.

Maak er een goede gewoonte van. Dan heb je ook geen bakken met wilskracht nodig. Als het maar een goed voornemen is: iets dat je belangrijk vindt, dat bij je past en dat niet te veel moeite kost.

Van voornemen naar gewoonte in vijf vragen

1. Wat neem je je voor?

Wat vind je belangrijk? Waar wil je wat aan doen? Wat wil je bereiken?

Bijvoorbeeld: minder fossiele energie gebruiken.

2. Waarom wil je dat?

Bedenk zoveel mogelijk redenen. Klein, groot, voor de wereld of voor jezelf. De redenen mogen elkaar tegenspreken. Vraag steeds weer: waarom? Bijvoorbeeld:

  • De CO2 uit fossiele energie maakt de aarde warmer zodat het ijs smelt en de ijsberen uitsterven
  • CO2 maakt de oceanen zuurder waardoor weekdieren geen schelpen meer kunnen maken omdat de kalk oplost
  • Gas is duur, dus als ik minder stook ben ik goedkoper uit
  • Ik vind mezelf duurzaam dus ik kan het niet maken om veel brandstof te verbruiken
  • Vaker fietsen is goed voor mijn conditie

3. Hoe ga je dat bereiken?

Bedenk zoveel mogelijk dingen die je kunt doen. Maak het zo concreet mogelijk. Bijvoorbeeld:

  • Ik zet de thermostaat nooit hoger dan 18 graden
  • Ik ga de gaten en kieren in mijn huis dichten en de spouwmuur isoleren
  • Binnen een straal van 5 km laat ik de auto staan
  • Ik zet alle apparaten helemaal uit
  • Ik haal de lader uit het stopcontact zodra de telefoon is opgeladen

In mijn gratis ebook Duurzaam zonder gedoe staan nog veel meer tips.

4. Wat doe je in bepaalde situaties?

Verzin scenario’s voor iedere situatie. Bijvoorbeeld:

  • Als mijn oude tante die het altijd koud heeft op visite komt, dan geef ik haar een lekker warm vest. Als ze het nog steeds koud heeft, dan mag de kachel een graadje hoger tot we gaan eten.
  • Als ik ziek ben, dan kruip ik in mijn warme vest onder een dekentje op de bank. Ik zet de verwarming niet hoger, want dan krijg ik alleen maar nóg drogere slijmvliezen.”
  • Als het regent, dan wacht ik tot het droog is. Ik stuur mijn lief erop uit om de boodschappen te halen. Of ik trek mijn regenpak aan. Ik ga in ieder geval niet met de auto naar de supermarkt, want ik kan er toch niet parkeren.

5. Hoe maak je het jezelf zo makkelijk mogelijk?

Ga niet alles in één keer doen. Kies één van de mogelijkheden uit en geef daar al je aandacht aan. Kies de leukste, of de makkelijkste manier.

Kijk of je het nóg makkelijker kan maken. Hang bijvoorbeeld al je apparatuur aan één stekkerdoos met schakelaar, zodat je alles in één keer uitschakelt.

En ga net zolang door tot je niet beter meer weet. Tot je nieuwe gedrag zo normaal is dat je je niet meer kunt voorstellen dat je het ooit anders hebt gedaan. En dan kies je weer wat anders.

Caroline van der Laan

Getagd , . Bladwijzer de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *